Europa: rivieren en biodiversiteit

Civis Mundi Digitaal #106

door Jan de Boer

Het water in de Europese rivieren stroomt niet vrij en onbelemmerd. De stroom water wordt niet alleen afgeremd door een paar grote stuwdammen, maar vooral door een veelheid van obstakels van allerlei soort: drempels, wedden, overlaten, sluizen… Europa is zonder twijfel het continent dat in de loop van zijn geschiedenis het meest zijn rivieren heeft opgedeeld om zijn molens, smederijen, zagerijen te « voeden », met als resultaat dat de meerderheid van de rivieren veranderd is in stukken vrijwel stilstaand water. Voor de fauna en de flora verandert dat alles. Slechts een derde van de rivieren in de Europese Unie beantwoordt op dit moment aan de criteria van een goede ecologische staat als gedefinieerd in de betreffende Europese richtlijn.

Een groep Europese wetenschappers heeft besloten op Europese schaal alle kunstmatige klippen te inventariseren die de stroom van – volgens hun uitdrukking – « de in stukken gebroken rivieren » belemmeren. Zij hebben ten minste 1,2 miljoen moeilijk te lokaliseren, slecht in kaart gebrachte en vaak aan hun lot overgelaten werken in kaart gebracht: een netwerk van rivieren van 1,65 miljoen kilometer met gemiddeld 0,74 door mensen gebouwde obstakels per kilometer. En dan is het nog goed te weten dat dit een heel voorzichtige schatting is, waarin de kleine waterlopen niet zijn meegenomen. De 36 Europese staten hebben absoluut geen juiste visie op deze situatie, die zij voor gemiddeld 36% tot 48% onderschatten.

Het vervaardigen van deze ongekende atlas kostte vier jaar intensief werk binnen het programma Amber (Adaptive management of barriers in Europe) gefinancierd door de Europese Commissie. Een eerste studie op basis van deze gegevens werd 16 december 2020 gepubliceerd in het blad « Nature » en ondertekend door 20 Europese wetenschappers/onderzoekers van verschillende Europese universiteiten. Deze universitaire samenwerking heeft als doel het beter beschrijven en beoordelen van de typologie van de obstakels die de stroom van het oppervlaktewater afremmen, om zo bij te dragen aan herstel van deze stromen. « Een levende rivier is een rivier met stromend water », laat Carlos Garcia de Leaniz van de universiteit Swansea in het Britse koninkrijk en coördinator van het programma Amber mij weten. « Het kennen van het aantal obstakels in de rivieren is absoluut noodzakelijk. Het goede nieuws van ons onderzoek is dat de meeste obstakels minder dan twee meter hoog zijn en dat veel van deze obstakels aan hun lot overgelaten zijn. We kunnen ons dus goed voorstellen dat zij verwijderd worden ».

De in 2020 vastgelegde Europese strategie ten gunste van de biodiversiteit vraagt de lidstaten mee te werken aan een onbelemmerde waterstroming in ten minste 25000 km van de rivieren van nu tot aan 2030. De water-ecosystemen zijn zeer gevarieerd, maar ook zeer bedreigd. De achteruitgang van de « trekvissen » in de wereld is duizelingwekkend en bedraagt voor een aantal soorten meer dan 90%. De fragmentatie van de rivieren is een van de hoofdoorzaken. De vissen – en niet alleen de « trekvissen » – zijn heel hun leven daarbij betrokken. Zij worden belemmerd in hun verplaatsing naar hun paaiplaatsen, hun voedselgebieden, hun schuilplaatsen, die mede afhangen van door stroming aangebrachte afzettingen. Zij lijden door de veranderingen van de structuur van de rivieren, het lozen van water bij stuwdammen, plotselinge veranderingen in temperatuur en veranderingen in het zuurstofgehalte. De obstakels veranderen de samenleving van macro-ongewervelde dieren en vermeerderen de overvloed van plankton, hetgeen de kolonisatie van bepaalde soorten plankton-eters bevordert, die weer de diversiteit van de fauna vermindert.

Volgens Carlos Garcia de Leaniz heeft het herstel van de waterlopen tot op dit moment geleden onder het gebrek aan gegevens en onder verkeerde ideeën. Zo heeft het debat over vrij stromend water in de rivieren de neiging zich op de grote stuwdammen te focussen, terwijl deze minder dan 1 % van het totaal obstakels zijn. « Het is de veelheid van de verscheidenheid aan obstakels die het grootste effect heeft », zegt de bioloog. « Een zalm uit de Atlantische Oceaan kan op zijn migratie niet over een hindernis van meer dan 4 meter springen of deze nu 5 of 10 meter meet. Van de drie factoren waarmee rekening moet worden gehouden: het aantal, de lokalisering en de hoogte van de obstakels, is de laatste het minst belangrijk. Overigens zegt hij dat het systematisch gebruik van de zalm als referentiekader niet goed is: « De zalm is zeker een beeldend voorbeeld, maar zeker niet het meest representatief. Wat te denken van al die andere vissen die niet beschikken over zulke formidabele zwemkracht. Of van de ongewervelde dieren?

Het grote doel van Amber is het verzamelen en harmoniseren van informatie van 120 bases van gegevens die veel van elkaar verschillen in kwaliteit, en van ruimtelijke beelden, hetgeen serieuze culturele verschillen tussen de landen aantoont. Sommige verschillen zijn met name gemotiveerd door het potentieel van hydro-elektrische ontwikkeling (energie door waterkracht) of door het beschermen van de biodiversiteit.

In totaal was 2715 km van 147 rivieren het object van een gestandaardiseerde terreinstudie in 26 landen. Het publiek heeft een deel van de observaties gerapporteerd tijdens een participatieve wetenschappelijke campagne; de rest was het werk van professionals. Resultaat: de fragmentatie van deze 147 waterlopen is 61% hoger dan vroegere schattingen. De onderschatting is enorm: de Balkan-landen kennen nog geen 76% tot 98% van het totaal van hun overlaten, drempels, stuwdammen in alle maten, molens, kanalen… , Estland nog geen 91%, Griekenland nog geen 97%. Daarentegen kent Nederland, waar de waterlopen het meest zijn onderbroken met gemiddeld 19 barrières per kilometer, met een grote precisie de staat van hun riviernetwerk. Ook Frankrijk heeft een uitstekende inventarisatie.

Alles bij elkaar is het noodzakelijk van paradigma te veranderen. « Small is not beautiful », schrijven de wetenschappers, die kennis genomen hebben van de realiteit van de « gebroken rivieren » en de duizelingwekkende achteruitgang van alles wat leeft in de water-ecosystemen. En daarbij zijn er nog talrijke projecten van elektrische micro-centrales in de beschermde rivieren in de Balkan en zelfs in bergachtige streken van het westen van Europa…

Je mag hopen dat de lidstaten van de Europese Unie in het kader van de betreffende Europese richtlijn ook echt actie ondernemen en de aanbevelingen van de wetenschappers op te volgen om voor zover en zoveel mogelijk de biodiversiteit in de water-ecosystemen te herstellen. Maar als ik zie hoe men de biodiversiteit en ecosystemen met de in 2020 afgesproken gezamenlijke Europese landbouwpolitiek, ondanks alle fraaie woorden en voornemens, verder naar de Filistijnen helpt, vrees ik met grote vreze dat het hier ook voor de zoveelste keer bij mooie voornemens blijft.

 

Geschreven op 20 januari 2021