India en het drama Kasjmir

Civis Mundi Digitaal #101

door Jan de Boer

De grotendeels mohammedaanse regio Kasjmir in de Himalaya, dat sinds 1949 een in de grondwet van India beschreven autonomie bezit, is vorig jaar door de Indiase premier Narendra Modi, een uiterst fanatieke nationalistische hindoe, onder het volledige gezag van de Indiase regering gebracht. Dit tegen alle democratische regels in. Ik heb daar in het verleden al enige artikelen over geschreven.

Sindsdien zijn alle communicatielijnen verbroken, is er geen toerist meer gezien en is de door Modi beloofde welvaart uitgebleven, met massale armoede tot gevolg. Het Indiase regime voert zeer omstreden arrestaties uit. Volksvertegenwoordigers, advocaten, journalisten, strijders voor mensenrechten en ook gewone burgers worden in grote getale opgesloten, waarbij marteling de gewoonste zaak van de wereld is. Op alle strategische posten worden mohammedanen vervangen door fanatieke nationalistische hindoes.

Sinds dertig jaar kent de regio een opstand die lange tijd gesteund werd door buurland Pakistan. Maar deze vijandelijke infiltraties zijn sterk verminderd en het zijn nu vooral de omstreden acties van de centrale Indiase regering die de anti-Indiase gevoelens versterken en het geweld voeden. De rebellie wordt gevoed door voortdurende en veelvuldige vernederingen die de mohammedanen in Kasjmir ondergaan. En dat terwijl zij bij het vertrek van de Britten toch gekozen hadden voor India en zo het geliefde symbool waren voor een veelzijdig India, gekoesterd door de eerste premier van de Indiase centrale regering, Jawaharlal Nehru, na het onafhankelijk worden van dat land.

Het is juist dit India, gebouwd op de principes van scheiding van geloof en regering en gelijkheid, dat de huidige premier Narendra Modi om zeep helpt. En dat voor het doel van de fanatieke nationalisten: « Hindutva », een honderd procent hindoe-staat. Om dat te bereiken schuwt de regering Modi geen enkele maatregel of actie: de rijke geschiedenis van de erfenis van de mohammedanen en die van Nehru uitbannen, de intellectuelen al dan niet met geweld de mond snoeren, de democratie manipuleren door het kopen van stemmen van volksvertegenwoordigers.

Het Westen sluit de ogen voor het drama in Kasjmir. Onterecht, want het gewelddadige optreden van de nationalistische Indiase regering is slechts de eerste stap in een programma volledig gericht tegen de mohammedanen en daarna ook tegen andere minoriteiten als deze zich niet aanpassen en onderwerpen aan het fanatieke hindoeïsme. In december 2019 werd een wet aangenomen die mohammedaanse vluchtelingen buitensloot van het verkrijgen van de Indiase nationaliteit. Dit leidde eind februari tot gewelddadige acties in de noordelijke stadswijken van New Delhi, de hoofdstad van India, met als gevolg zo’n vijftig mohammedaanse doden en verder het verlies van huis en werk voor heel veel mohammedanen. Narendra Modi heeft de eerste verjaardag van de onderwerping van Kasjmir op 5 augustus gevierd met de bouw van een hindoe-tempel op al een tientallen jaren omstreden plek met een ruïne van een moskee die bestemd was voor de bouw van een nieuwe moskee.

Het Westen houdt zijn mond en kijkt de andere kant uit. Frankrijk, dat prat gaat op zijn bestaan als vaderland van de mensenrechten, geeft er de voorkeur aan niets te zeggen, ja zelfs de democratie in India te prijzen, wegens verkopen van Rafale-vliegtuigen aan het Indiase leger. Trump afficheert zich als een grote vriend van Narendra Modi, een premier van een nuttig land om de toenemende invloed van China tegen te gaan.

Inderdaad, nu er allerwegen wantrouwen bestaat over de invloed en plannen van Peking bestaat het levensgrote risico dat de Westerse wereld nog heel lang de ogen sluit voor de onrustbarende ontwikkelingen betreffende democratie en mensenrechten in India. Want het is duidelijk dat dit grote land heel goed de nieuwe fabriek van de wereld kan worden, ja zelfs gaat worden. De bewoners van Kasjmir worden zo de slachtoffers van de Westerse « realpolitik » in Azië. Het lot van deze minderheid wordt volgens de wens van Narendra Modi afgedaan als een « binnenlandse aangelegenheid », gevolgd door het (toekomstige) lot van niet-hindoe minderheden in India zelf. De Westerse wereld zou ook wat betreft India moeten beseffen dat geen enkele duurzame vrede en geen enkele werkelijke democratie kan bestaan bij de verkrachting van mensenrechten. Maar het is helaas duidelijk dat de westerse wereld in alle opzichten economisch voordeel in de neoliberale betekenis van het woord boven werkelijke democratie prefereert.

 

Geschreven op 13 augustus 2020