Klimaat, gedrag en bewustzijn

Civis Mundi Digitaal #115

door Mathieu Wagemans

Bespreking van: Toon van Eijk, Klimaatcrisis, gedragsverandering en bewustzijnsontwikkeling, www.lulu.com, 2021.

 

De literatuur over de klimaatcrisis is intussen overweldigend. Die betreft dan, naast de vraag of er wel sprake is van een klimaatcrisis, de oorzaken ervan, mogelijke maatregelen, de effecten daarvan en zeker ook de manier waarop en de weg waarlangs noodzakelijke processen van verandering het beste kunnen worden aangepakt.

Het boek gaat over het laatste. Het blijkt nog niet zo gemakkelijk te zijn om, wanneer we overtuigd zijn van de noodzaak van maatregelen, de daad bij het woord te voegen. Nu is intussen al aardig wat bekend over systeemveranderingen, want zo mag je maatregelen om de klimaatcrisis op te lossen wel noemen. We zijn voorgeprogrammeerd op een levenswijze die we niet kunnen volhouden, maar die we wel stevig hebben vastgezet in onze handelingspatronen en belangenstructuren. Verandering blijkt nog niet zo eenvoudig te zijn, zo wijzen ervaringen uit.

Het boek gaat in op die processen van systeemverandering, maar beperkt zich niet tot het beredeneerd benaderen ervan. Integendeel, het is eerder zo dat als rode draad geldt dat we de noodzakelijke veranderingen niet kunnen bereiken door enkel te blijven redeneren. We weten langzamerhand wel wat bijdraagt aan oplossingen van het klimaatprobleem en ook wat minder effect zal hebben. Maar, zo is de onderliggende vraag, als we dat allemaal al weten, waarom gedragen we er ons dan niet naar? Kunnen we de noodzakelijke veranderingen wel realiseren door enkel te redeneren? Waarom blijven we volharden in gedrag waarvan we weten dat het weinig duurzaam is?  

Dergelijke vragen vormen de aanleiding tot dit boek. Om de gewenste veranderingen te bereiken, kunnen we niet volstaan met redeneren, met ratio. We presenteren ons graag als rationeel denkende en handelende mensen, maar het redeneren schiet tekort om ons eigen denken en handelen te begrijpen. Het boek gaat in op het irrationele en besteedt aandacht aan de relatie tussen ratio en gevoelens. We laten ons als mensen van vlees en bloed niet enkel leiden door rationele afwegingen, ook al presenteren we ons graag als weldenkende mensen. We handelen bijvoorbeeld vaak impulsief of intuïtief. Of routinematig. We zijn onszelf lang niet altijd bewust van onderliggende redenen. We wegen niet ieder handeling af op basis van alternatieve mogelijkheden aan de hand van criteria waarna we een doordachte keuze maken voor die ene handeling. Anders gezegd, we zijn minder rationeel dan we denken en claimen. En dat is maar goed ook.

Maar die andere krachten die ons denken en handelen beïnvloeden, laten zich niet zo gemakkelijk rationeel verklaren. We weten bijvoorbeeld niet goed hoe ons bewustzijn werkt en dat geldt nog sterker voor de rol van het onderbewustzijn. Dat onderbewustzijn kunnen we rationeel benaderen, maar het onderbewustzijn laat zich niet langs rationele weg ontplooien. Wat ligt er aan krachten verborgen en omsloten in het onderbewuste?

Juist bij ingrijpende veranderingen is aan de orde, dat we een nieuw beeld van de werkelijkheid construeren. En dat houdt weer in dat de mens zich opnieuw moet gaan  positioneren ten opzichte van die nieuwe werkelijkheid. Dat vraagt een nieuw en hoger niveau van bewustzijn. Van Eijk maakt daarbij een onderscheid tussen het individuele en het collectieve bewustzijn. Individueel is aan de orde dat we als het ware doordrongen worden van de noodzaak van verandering. De verandering moet intern worden doorleefd, zodat het een bron van energie wordt. Een duurzame samenleving wordt niet bereikt, wanneer we blijven hangen in rationele afwegingen.

Zoals een leermeester mij ooit vertelde: “Over veranderen moet je niet enkel redeneren, het is ook onvoldoende wanneer je ernaar handelt, je moet zelf de verandering ZIJN”.  Dat vraagt van ons dat we ons bewust worden van de patronen in ons denken en handelen die verandering blokkeren. Van Eijk verwijst o.m. naar de filosoof Otto Duintjer die stelde dat je die omslag niet kunt bereiken via de weg van de ratio. Nodig is dat je boven je eigen denken en handelen uitstijgt, zodat je het kunt doorzien. De verandering vraagt ontvankelijkheid voor transcendentie, voor spiritualiteit. (Over Duintjer zie CM 105 en 106.)

Maar individueel de noodzakelijke transitie doormaken is weliswaar nodig maar onvoldoende. De belangenstructuren die ons omgeven staan de noodzakelijke omslag naar een duurzame samenleving in de weg. Verandering vraagt ook verandering van bewustzijn op collectief niveau. Dan is de vraag aan de orde of onze instituties de noodzakelijke omslagen wel kunnen faciliteren of die juist in de weg staan. Hoe hebben we gezamenlijkheid georganiseerd? Denk ook aan de cultuur binnen een samenleving en de wijze waarop ons politieke systeem functioneert. Dienen onze systemen van representatie nog wel? Is er sprake van een voldoende sterke vertrouwensbasis?   

In de thans bestaande context van argumenten en belangen, die nu vaak de discussie over de klimaatcrisis beheersen, is het een verademing te lezen, dat ons denken en gedrag vaak een triviaal karakter hebben. Zo rationeel als we onszelf graag zien, zijn we nu eenmaal niet. We wensen ons ook niet, als zelfstandig denkende mensen, voorprogrammeren en dat is maar goed ook. De mens zit wat ingewikkelder in elkaar. De interacties tussen lichaam en geest zijn complex en nog lang niet ontrafeld. Consequentie is dat we moeten proberen onszelf wat beter te begrijpen, niet alleen rartioneelkmaar ook intuïtief en spiritueel, voordat we tot stellige uitspraken komen over welke gedragsveranderingen nodig zijn. Dat besef staat centraal in het boek en wordt op tal van manieren uitgediept.

Zo komen verschillen aan de orde tussen gevoelens en emotie met een uitvoerige verwijzing naar de van oorsprong Portugese neuroloog Damasio, die de interacties tussen hersenen, menselijke geest  en bewustzijn heeft bestudeerd.  Of de rol van de intuïtie met een verwijzing naar zowel Spinoza als naar de psycholoog Kahneman met zijn onderscheid tussen “langzaam en snel denken”. En ook de processen rond onze beeldvorming. Vormt ons denken de basis voor beeldvorming of is die relatie juist omgekeerd en rationaliseren we ex post facto beelden die zich spontaan hebben gevormd? Ook onderwerpen als complexiteit en leiderschap komen aan de orde en de rol van het onderbewustzijn.

Het boek refereert regelmatig aan de problematiek van de landbouw. Dat is begrijpelijk, gezien de achtergrond van van Eijk. Hij studeerde in Wageningen en promoveerde op landbouwsystemen in Afrika en in het bijzonder op de onderliggende krachten binnen die systemen met aandacht voor het functioneren van het bewustzijn.

Maar die keuze voor de landbouw is ook om andere redenen niet toevallig. Er is nauwelijks een sector aanwijsbaar waarin zo duidelijk wordt gedemonstreerd tot welke problemen een te ver doorgevoerde rationalisatie kan leiden. Maar de praktijk toont ook hoe lastig het is die drang tot rationalisatie te doorbreken of zelfs maar tot onderwerp van discussie te maken. Er is een heilig geloof dat wanneer rationalisatie tot problemen leidt, ook deze problemen kunnen worden opgelost  door rationeel denken en handelen, dus door nog meer rationalisatie, .

De landbouw dus ook een sector die boeiend leermateriaal oplevert voor de aanpak van de klimaatcrisis en laat zien hoe enkel rationeel denken ons niet verder helpt. Dus wijst op de noodzaak van verdieping. Bijv. op de omslag van een rationeel georiënteerde voedselproductie op basis van economische begrippen als productiviteit en kostprijs naar landbouw als een ontmoeting met de natuur. Het stelt ons voor de vraag op hoe we ons verhouden ten opzichte van de natuur. Het  pleit  voor een andere grondhouding, op basis waarvan respect ontstaat voor de natuur, in plaats van die enkel te zien als een hinderpaal op de weg naar nog verdere rationalisatie en intensivering. Anders gezegd, we moeten onszelf problematiseren in plaats van enkel aandacht te geven aan rationele afwegingen en argumenten.

Het boek kan dus worden opgevat als een rijk en diepgaand pleidooi om af te dalen in onszelf. De ingrijpende veranderingen die aan de orde zijn, moeten vanuit de mens zelf beginnen. We moeten ons telkens opnieuw gaan verhouden tot het nieuwe. Daarvoor is nodig dat de mens zichzelf gaat bevragen en bereid is de eigen vanzelfsprekendheden te onderzoeken. Wat zijn de waarden die de basis vormen voor ons denken en handelen? Het vraagt een grondhouding die de kracht en inspiratie moet bieden om van levenswijze te veranderen. Dat is nodig, wil de omslag naar een duurzame samenleving slagen. Dergelijke veranderingsprocessen grijpen veel dieper in dan wat we door rationeel redeneren kunnen bereiken.   

Het boek geeft zo verdieping met betrekking tot processen van waarnemen, betekenisgeving en argumentatie, niet enkel individueel, maar ook op collectief niveau. Die verdieping krijgt vorm en inhoud door royale verwijzingen naar literatuur. Er passeren tal van geleerden op psychologisch, sociaal en filosofisch terrein. Naast verdieping biedt het boek daardoor ook verbinding. Er is sprake van verrijkende koppelingen, zowel tussen opvattingen van denkers als Descartes, Weber, Latour en Gabriel (zie elders in dit nummer), maar ook tussen abstractie en praktijk. Die verwijzingen naar concrete voorbeelden maakt het tot een leesbaar boek dat een verdiepend inzicht in actuele vraagstukken van de moderniteit biedt. Er komen vragen aan bod die vaak niet aan de orde komen , omdat ze worden verdrongen door onze vanzelfsprekendheden.

Dat maakt processen van systeemverandering enerzijds complexer, maar tegelijkertijd kan de relevantie ervan niet worden ontkend. Integendeel, de conclusie kan zijn dat we vaak te snel vertrouwen op reflexen en snelle interventies, die zijn gebaseerd op te simpele causale verbanden. De werkelijkheid blijkt complexer dan we dachten.

Het boek is bij lulu.com te downloaden is als pdf.